Week 44 : Stijgende huizenprijzen (NHG-grens), rechtsherstel Box 3, pensioenspijt onder zzp’ers, en schijnzelfstandigheid in de zorg

Nieuws

Huizenprijzen overschrijden NHG-grens: toenemende uitdagingen voor huizenkopers

Per 1 januari 2025 wordt de NHG-grens verhoogd van €435.000 naar €450.000. Toch lijkt deze aanpassing onvoldoende te zijn om bij te blijven met de stijgende huizenprijzen, die nu al boven deze grens liggen. Business Insider Nederlandmeldde dat de gemiddelde huizenprijs in september 2024 al is gestegen naar €466.890, waarmee deze de NHG-grens van 2025 overschrijdt. Dit betekent dat het voor starters en mensen met een middeninkomen steeds lastiger wordt om een woning met Nationale Hypotheek Garantie (NHG) te financieren.

Waarom NHG belangrijk is 

Een NHG-hypotheek biedt woningkopers niet alleen een lagere rente vanwege het lagere risico voor banken, maar ook bescherming tegen restschulden bij situaties zoals werkloosheid, arbeidsongeschiktheid, scheiding of overlijden. Met deze garantie kunnen mensen die in financiële problemen raken voorkomen dat ze met een restschuld blijven zitten. De NHG-premie bedraagt in 2025 eenmalig 0,4% van het hypotheekbedrag, een verlaging ten opzichte van 2024, waarin de premie 0,6% bedroeg.

Regionale verschillen en kansen voor kopers 

In Nederland zijn er grote regionale verschillen in huizenprijzen. In de regio’s Groot-Amsterdam, het Gooi en Vechtstreek en de agglomeratie Haarlem liggen de gemiddelde prijzen ruim boven de NHG-grens. Daarentegen liggen in gebieden zoals Zeeuws-Vlaanderen de gemiddelde woningprijzen aanzienlijk lager, wat kopers hier meer kans biedt om binnen de NHG-grens te blijven.

Door de sterke prijsstijgingen wordt het steeds moeilijker om woningen binnen de NHG-grens te vinden, zelfs met de jaarlijkse aanpassing. Experts van onder andere ABN Amro en Rabobank verwachten dat de prijzen ook in 2025 met ongeveer 11% zullen stijgen, wat betekent dat meer kopers mogelijk buiten de NHG-grens zullen vallen. Dit maakt het voor kopers extra belangrijk om regionale verschillen goed in de gaten te houden bij het zoeken naar een huis.

BronBusiness Insider Nederland

Belastingdienst start informatiecampagne over rechtsherstel Box 3: wat je moet weten

Vanaf 15 oktober 2024 stuurt de Belastingdienst brieven naar 2,6 miljoen Nederlanders die mogelijk in aanmerking komen voor rechtsherstel in Box 3. In deze brief informeert de Belastingdienst belastingplichtigen over de mogelijkheid om aan te tonen dat hun werkelijke rendement lager is dan het fictieve rendement waarop de belasting in Box 3 is gebaseerd. Dit is een belangrijk moment voor belastingplichtigen, omdat het Box 3-stelsel sinds 2017 onder druk staat vanwege kritiek op de fictieve rendementsheffing die niet altijd aansluit bij de werkelijke inkomsten uit vermogen.

Hoe het proces werkt 

Voor de belastingjaren 2017 tot en met de inwerkingtreding van het nieuwe Box 3-stelsel wordt belastingplichtigen de kans geboden om hun werkelijk behaalde rendement door te geven. De Belastingdienst werkt momenteel aan een formulier dat vanaf de zomer van 2025 beschikbaar zal zijn. Hiermee kunnen betrokkenen per belastingjaar hun werkelijke rendement opgeven. Voorlopig hoeven ontvangers van de brief geen actie te ondernemen, maar zij zullen in de zomer van 2025 een uitnodiging ontvangen om hun gegevens door te geven.

Tijdspad en specifieke regelingen 

Naast het algemene rechtsherstelproces, worden 150.000 mensen met een aanslag over 2019 aangemoedigd om vóór 31 december 2024 een verzoek tot ambtshalve vermindering in te dienen. Dit verzoek zorgt ervoor dat hun aanslag wordt herzien in lijn met het rechtsherstelbeleid. Voor aanslagen over latere jaren zoals 2020 geldt momenteel nog geen urgentie, waardoor betrokkenen hiervoor voorlopig geen actie hoeven te ondernemen.

Met deze maatregel hoopt de Belastingdienst tegemoet te komen aan belastingplichtigen die onevenredig getroffen zijn door het fictieve rendement in Box 3. Door het proces zorgvuldig en gefaseerd aan te pakken, kan de belastingheffing eerlijker worden en beter aansluiten bij de werkelijke vermogenssituatie van belastingbetalers.

BronBelastingdienst

Pensioenspijt onder zzp’ers: een laat begin heeft vaak gevolgen

Uit een recent onderzoek van Knab blijkt dat bijna de helft (44%) van de zzp’ers spijt heeft dat zij niet eerder zijn begonnen met hun pensioenopbouw. Vooral zelfstandigen die pas na hun dertigste zijn begonnen, ervaren deze ‘pensioenspijt’. Maar liefst 64% van de ondervraagden voelt dat hun pensioen momenteel onvoldoende geregeld is. Deze spijtgevoelens zijn bijzonder sterk onder zzp’ers met een lager inkomen, van wie slechts 25% tevreden is met hun pensioenvoorziening.

Verschillende groepen en behoeften 

Het onderzoek van Knab toont aan dat vooral zzp’ers met een lager inkomen pensioenopbouw vaak uitstellen, omdat andere uitgaven prioriteit krijgen. Dit heeft echter financiële gevolgen, aangezien zzp’ers met een laag inkomen vaak geen toegang hebben tot het pensioenstelsel van werknemers en afhankelijk zijn van eigen initiatieven. Slechts 48% van de zzp’ers is bijvoorbeeld bekend met het begrip ‘jaarruimte’, een fiscale regeling waarmee ze belastingvriendelijk kunnen sparen voor hun pensioen.

Zzp’ers die hun pensioenopbouw al voor hun dertigste zijn begonnen, hebben minder spijt (30%) dan degenen die pas later begonnen zijn (60%). Knab adviseert zzp’ers om de mogelijkheden voor belastingvoordelen goed te onderzoeken. Een vroege start met zelfs kleine bijdragen kan een groot verschil maken door het effect van samengestelde rente en belastingvoordelen.

BronAccountant.nl

Schijnzelfstandigheid in de zorg: handhaving roept verzet op

De Belastingdienst zal per 1 januari 2025 strikter gaan handhaven op schijnzelfstandigheid, met een specifieke focus op de zorgsector. Hoewel dit handhavingsbeleid bedoeld is om uitbuiting, oneerlijke concurrentie en belastingontwijking tegen te gaan, roept het vooral in de zorgsector veel weerstand op. Volgens ZZP Nieuws voldoet de zelfstandige positie van zorg-zzp’ers namelijk niet aan deze typische risico’s.

Waarom de zorgsector verzet toont 

Zorg-zzp’ers kiezen bewust voor het ondernemerschap om meer flexibiliteit en een hoger tarief te hebben dan in loondienst mogelijk is. Zij vullen zelf voorzieningen in voor arbeidsongeschiktheid en pensioen, en worden doorgaans goed betaald voor hun diensten. Voor zorgorganisaties zijn de kosten voor een zzp’er vaak gelijk of hoger dan voor medewerkers in loondienst, waardoor er geen sprake is van oneerlijke concurrentie op arbeidsvoorwaarden.

Daarnaast dreigen aanzienlijke capaciteitsproblemen in de zorg als zzp’ers worden gedwongen om in loondienst te gaan. Uit een recente enquête blijkt dat 40% van de zzp’ers in de zorg overweegt de sector te verlaten als zij niet als zelfstandigen mogen blijven werken. Dit zou leiden tot hogere kosten voor uitzend- en detacheringsbureaus en een vermindering van het aantal beschikbare zorgverleners, wat de huidige personeelstekorten alleen maar zal verergeren.

Gevolgen en oproep tot heroverweging 

Zorgorganisaties waarschuwen dat de handhaving zonder de juiste nuances de betaalbaarheid en toegankelijkheid van zorg in gevaar kan brengen. ZZP Nieuws roept het kabinet op om het beleid te heroverwegen en te kiezen voor oplossingen die beter aansluiten bij de behoeften van de zorgsector, zonder zelfstandige zorgverleners te benadelen.

BronZZP Nieuws

Conclusie

Week 44 brengt een reeks ingrijpende ontwikkelingen voor zzp’ers, huizenkopers en belastingplichtigen. Van de stijgende huizenprijzen die het moeilijker maken om met NHG een huis te kopen, tot de verwachte capaciteitsproblemen in de zorg door het nieuwe handhavingsbeleid op schijnzelfstandigheid – de uitdagingen blijven zich opstapelen. De Belastingdienst start bovendien met een langverwacht herstelproces voor Box 3-belastingplichtigen, en het onderzoek naar pensioenspijt onder zzp’ers benadrukt het belang van vroeg beginnen met pensioenopbouw.

Voor zzp’ers is het belangrijk om goed op de hoogte te blijven en te kijken naar mogelijkheden om hun financiële zekerheid te vergroten, of het nu gaat om pensioenopbouw of de fiscale gevolgen van nieuwe regelgeving.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *